Energietransitie met groeipijn: een Fries experiment moet soelaas bieden
De energietransitie heeft groeipijn. De laatste jaren zijn veel zonne- en windparken opgericht, waardoor het stroomnet vol zit. In Oosterwolde experimenteren bedrijven hoe zij de overbodige stroom wel kunnen gebruiken.
Zo werd het startsein gegeven:
Zonneparken en windparken, die zijn hard nodig om meer groene stroom op te wekken. De laatste jaren schieten ze dan ook als paddenstoelen uit de grond.
Dat zorgt ook in Fryslân voor problemen. Het stroomnet zit zo ontzettend vol, dat meerdere parken maar 50 procent van hun piekcapaciteit kunnen gebruiken. Doodzonde, want die duurzame energie gaat verloren.
Energie-opwekker GroenLeven en netbeheerder Alliander beginnen daarom met het experiment 'Sinnewetterstof': " We willen leren hoe je met een waterstofinstallatie een systeem maakt waarmee je toch alle energie kan transporteren ", zegt Ben Tubben, projectleider bij Alliander.
"Je zet een deel van de opgewekte stroom om in waterstof. Daardoor kun je toch energie transporteren en mogelijk het volledige zonnepark benutten", zegt hij.
"Die waterstof gaat in principe via vrachtwagens naar tankstations. Die vrachtwagens rijden zelf ook op waterstof, natuurlijk. Voertuigen die al op waterstof kunnen rijden, kunnen dat dan vervolgens gebruiken. Denk daarbij aan waterstofbussen of sommige taxibedrijven", zegt Tubben.
Ben Tubben van Alliander over het project
Het project duurt voorlopig vijf jaar en kost ongeveer vijf miljoen euro, zegt Tubben. "De financiering is deels van de overheid, ook wij als overheidsbedrijf betalen mee.
We betalen vooral om te leren. Dit is een optie voor de toekomst, terwijl je anders mogelijk veel geld kwijt bent aan het uitbreiden van je elektriciteitsnet. Op deze manier willen we kijken of daar ook andere manieren voor nodig zijn."
We betalen vooral om te leren. Dit is een optie voor de toekomst, terwijl je anders mogelijk veel geld kwijt bent aan het uitbreiden van je elektriciteitsnet. Op deze manier willen we kijken of daar ook andere manieren voor nodig zijn."
Het besef
"Ik denk dat mensen vaak denken dat we meer elektriciteitskabels bij moeten bouwen", zegt Willem de Vries, projectleider fan GroenLeven, "Dat kan niet. Mensen moeten zich beseffen dat we nog veel meer duurzame energie nodig hebben."
"Veel van die energie is afhankelijk van het weer, het gaat dus wat op en neer. Op de pieken produceer te meer dan dat je nodig gaat hebben. Dat moet je niet weggooien. Het omzetten van overtallige energie moet dus op locatie gaan gebeuren", neffens de Vries.
Resultaten delen
Alliander en GroenLeven willen het experiment niet achter gesloten deuren houden, zegt de Vries: "De resultaten worden uitgebreid gedeeld. Hier zit gemeenschapsgeld in en het is belangrijk dat dat gedeeld wordt. Je moet je ook bedenken dat wij niet de enige zijn die de energietransitie moet trekken. Alles blijft transparant, we hebben alle andere bedrijven ook nodig om het energieprobleem op te lossen."
Volgens Tubben is Oosterwolde bewust gekozen als startplak voor het experiment: "Dit is een gebied waar veel ruimte is, hier ligt al een park van 50 megawatt, maar er is hier ook al een probleem. Je kunt nauwelijks nog uitbreiden als zonnepark, omdat het net zo vol is."
"Dit zal zeker niet het enige systeem in Nederland zijn. Voorlopig nog wel, we moeten eerst leren wat dit voor toekomst heeft. Hopelijk kunnen we aan het eind van het experiment zeggen dat dit een goede optie is om energie te transporteren. Dat windparken en zonneparken dit als optie zien om hun volledige capaciteit te benutten. We staan hier in de toekomst", zegt Tubben.