Stichting Afvaloven Nee eist intrekken vergunning REC: "Ondeugdelijke grondslag"
Stichting Afvaloven Nee wil dat de provincie Fryslân de vergunning van de afvaloven van Omrin in Harlingen per direct intrekt. De oven draait volgens de stichting al jaren op basis van "een ondeugdelijke feitelijke en juridische grondslag."
Het gaat de stichting vooral om het zogenaamde rookgasdebiet van de Reststoffen Energie Centrale (REC): de hoeveelheid rookgas die binnen een uur via de schoorsteen wordt uitgestoten, uitgedrukt in kubieke meters.
Dat debiet ligt volgens Stichting Afvaloven Nee (SAN) al jaren structureel hoger dan waar met de vergunningen van is uitgegaan.
Uit jaargemiddelden zou blijken dat de REC in ieder geval sinds 2011 meer rookgas uitstoot dan het oorspronkelijk vergunde niveau van 177.000 kubieke meter per uur.
Dat cijfer was een belangrijk uitgangspunt in de milieueffectrapportage (MER) uit 2007.
Zo verwijst de stichting naar een constatering van toezichthouder FUMO uit juli 2016. Toen werd vastgesteld dat het jaargemiddelde rookgasdebiet in 2014 en 2015 zo'n 230.000 kuub per uur was, zo'n 30 procent boven het toen gehanteerde vergunde debiet.
Volgens de stichting werd toen expliciet geconcludeerd dat sprake was van een permanente overtreding van vergunning en wet. Dat oordeel is volgens de stichting "nooit ingetrokken."
Hans Gillissen van SAN vindt dat FUMO achter de feiten aanloopt: de FUMO controleert pas nadat het jaar is afgelopen. "Daardoor zijn ze altijd te laat. Vervolgens reageren ze alleen met een waarschuwing."
In 2023 werd de norm versoepeld naar 211.500 kuub per uur, maar ook die grens wordt volgens de stichting intussen structureel overschreden.
Reactie provincie
Een woordvoerder laat weten dat de provincie zich nog voorbereidt op een reactie op de brief van Stichting Afvaloven Nee.
De provincie kan daarom nog niet inhoudelijk reageren.
De provincie kondigde in november 2025 al aan een last onder dwangsom op te leggen, nadat toezichthouder FUMO had vastgesteld dat het jaargemiddelde rookgasdebiet in 2024 boven de vergunde norm uitkwam. Eerder had Afvaloven Nee hierover al een brandbrief aan de provincie gestuurd.
Naar aanleiding van die aangekondigde dwangsom liet Omrin weten opnieuw een vergunningswijziging te willen aanvragen om het rookgasdebiet verder te versoepelen.
De impact op natuur en milieu zou volgens het bedrijf onveranderd blijven.
Gillissen zegt dat die dwangsommen een wassen neus zijn: "De provincie legt af en toe wel een dwangsom op, maar dat is ook een soort van waarschuwingsmethode. Deze boetes worden bovendien nooit daadwerkelijk opgelegd", beweert Gillissen.
"Jarenlange illegale situatie"
In een nieuwe brief van 6 februari 2026 aan het provinciebestuur stelt Stichting Afvaloven Nee opnieuw dat bij de vergunningaanvraag gebruik is gemaakt van "onjuiste, onvolledige en op onjuiste aannames gebaseerde gegevens", onder meer over het rookgasdebiet en de gehanteerde meet-en onzekerheidsmarges.
Daarbij verwijst de stichting naar een brief van de advocaat van REC aan de Raad van State van 16 januari dit jaar, waarin bevestigd wordt dat bij de aanvraag met onjuiste uitgangspunten is gewerkt. De stichting concludeert dat de verruimde vergunning "de jarenlang bestaande illegale situatie niet legaliseert".
De afvaloven ligt dichtbij de Waddenzee, aangewezen als Natura 2000-gebied en UNESCO Werelderfgoed. Volgens de stichting brengt dit een verhoogde zorgplicht voor het bevoegde gezag met zich mee.
SAN vraagt de provincie daarom de omgevingsvergunning in te trekken of te schorsen en de installatie stil te leggen zolang er geen rechtsgeldige, actuele vergunning van kracht is.
FUMO vraagt om nadere onderbouwing
Toezichthouder FUMO heeft namens het provinciebestuur gereageerd. Het verzoek van Afvaloven Nee wordt opgevat als een handhavingsverzoek, maar is volgens FUMO "onvoldoende duidelijk" en "onvolledig" om direct in behandeling te nemen.
Zo ontbreken onder meer het adres van de statutaire zetel van de stichting, een machtiging waaruit blijkt dat de indiener namens de stichting mag optreden, en een concrete specificatie van de gestelde overtredingen met data en juridische grondslagen.
De stichting krijgt drie weken de tijd om de ontbrekende gegevens aan te leveren. Tot die tijd wordt de wettelijke beslistermijn opgeschort. Indien de gevraagde informatie niet tijdig wordt verstrekt, kan het verzoek buiten behandeling worden gelaten.