Gedichten over drank, vrouwen en de dood: Piet Paaltjens heeft eigen plaquette in Leeuwarden
Aan de Voorstreek in Leeuwarden hangt nu een plaquette van Piet Paaltjens, een van de grootste dichters uit de Nederlandse literatuur.
Het idee daarvoor ontstond vanwege de biografie die schrijfster Marita Mathijsen over de dichter maakt. De keuze voor de locatie is een logische: het geboortehuis van Paaltjens.
Die naam kreeg de dichter trouwens niet toen hij geboren werd in het Leeuwarden van 1835. Zijn echte naam was François HaverSchmidt.
Drank, vrouwen en de dood
Als student was hij al druk aan het schrijven. Zijn favoriete thema's? Drank, vrouwen en de dood. De gedichten waren erg los voor zijn tijd en werden vaak geschreven met een flinke dosis zwarte humor.
"Eigenlijk denk je 'het is helemaal niet zo grappig', want het is dieptriest, maar toch ontkom je er niet aan om even hard te lachen als je het leest", vertelt Johannes Keekstra. Hij is groot liefhebber van de dichter.
Het contrast met HaverSchmidts andere bezigheid kan haast niet groter, hij was ook predikant.
En die dubbelrol zorgde er mogelijk mede voor dat hij een alter ego in het leven riep: Piet Paaltjens was geboren. De poëzie gebruikte zijn gedichten als uitlaatklep voor de thema's waarvoor geen plaats was in zijn strenge geloof.
De zwaarmoedigheid die HaverSchmidt altijd al bij zich droeg ontwikkelde zich tot steeds problematischere vormen. Alle struggles die hij hoorde van zijn kerkgangers hadden een zware tol op zijn geestelijke gezondheid.
Langzaam begon de dichter zijn geloof te verliezen. "Hij preekte de kerk in Schiedam leeg omdat mensen het niet meer aan konden wat hij allemaal vertelde op de kansel."
Daar kwam in 1891 het overlijden van zijn vrouw nog bij.
Life imitates art
Een van de meest gerenommeerde gedichten van HaverSchmidt is De Zelfmoordenaar, uit de bundel Snikken en Grimlachjes uit 1867. Het gaat over een man die uit zuivere ellende tot zelfmoord wordt gedreven.
Het bleek dat de tekst een duister oog in de toekomst was, in 1894 hing de gebroken man zich op aan een koord in zijn bedstee.
Toch vertelt Keekstra dat het hem geen recht aandoet om Paaltjens alleen te bedenken als een dichter met een tragisch verhaal.
Hij pleit ervoor om Paaltjens, ofwel HaverSchmidt, vooral te herinneren als een vrolijke student met zeer vooruitstrevend werk en een flinke dosis humor.