Fryslân krijgt er steeds meer mediterrane 'gasten' bij
De zuidelijke boomsprinkhaan, de vuurlibel, de zeevenkel en het geelkruid: het zijn allemaal dieren- en plantensoorten die vroeger nooit of bijna nooit in Fryslân voorkwamen. Maar tegenwoordig zijn ze, soms in grote aantallen, in onze provincie te zien. Hoe zit dat precies?
Je kent het vast wel van je vakantie in Frankrijk: een duik in de zee of een wandeling op het strand, omgeven door allemaal kleurrijke planten en exotisch uitziende insecten.
Maar tegenwoordig hoef je voor die mediterrane flora en fauna niet meer uren in de auto of het vliegtuig. Daarvoor kun je ook gewoon in Fryslân blijven.
Zeeradijs, strandbiet en zeekool
Zo is te zien in Harlingen, waar de pier en zeedijk volstaan met planten die hier in het verleden niet waren: "Er staan allemaal soorten die tot een jaar of 15, 20, geleden alleen maar rondom het Kanaal voorkwamen", zegt Hinko Talsma, florist en natuurmonitor bij Provincie Fryslân.
"Die zijn collectief opgeschoven naar Fryslân."
Vijftien jaar terug vonden we één plantje en hebben we een vreugdedansje gedaan, nu staan er honderden.
Het gaat dan bijvoorbeeld om de zeeradijs, de strandbiet en de zeekool. "De combinatie van die soorten is heel uniek, nog niet zo lang geleden moest je daarvoor naar Noord-Frankrijk."
Ook soorten die verder uit het zuiden komen, zijn in Harlingen te vinden. Neem de zeevenkel. Een echte mediterrane soort die op eilanden als Sardinië en Corsica veel voorkomt.
"Vijftien jaar terug ben ik hier met een florist geweest, toen vonden we één plantje en hebben we een vreugdedansje gedaan", vertelt Talsma. "Nu staan er honderden."
Een ander voorbeeld is het geelkruid (gele hoornpapaver), een soort klaproos die gewoonlijk in het Middellandse Zeegebied groeit.
"Vroeger dook hij hier wel eens op, maar hield hij nooit stand", zegt Talsma. "Nu wel, dus blijkbaar is er iets veranderd."
Wat er dan veranderd is? Je raadt het misschien al: het klimaat. "Het is hier gewoon warmer geworden, de winters zijn minder streng."
En dus kunnen soorten die slecht tegen de kou kunnen en van warmte houden zich nu ook in Fryslân vestigen.
Niet meer zo zuidelijk
Het is niet alleen de zuidelijke flora die naar Fryslân opschuift, maar ook de fauna. Ecoloog Marten Sikkema van It Fryske Gea loopt steeds vaker tegen diersoorten aan die hier in het verleden nooit voorkwamen.
"Ik zie soorten toenemen en soorten verdwijnen", vertelt hij.
De zuidelijke boomsprinkhaan is een van de soorten die hier toeneemt. De naam zegt het al, zuidelijke. Maar zo heel zuidelijk is het insect niet meer.
Waar in de jaren negentig de zuidelijke boomsprinkhaan hier nog nooit werd waargenomen, zit hij intussen overal, zelfs op de Waddeneilanden.
"In een periode van 20 jaar heeft hij vanuit het zuiden het hele land bevolkt", vertelt Sikkema. "En dat geldt ook voor andere soorten."
Insecten zoals de wespspin en de vuurlibel, maar ook vogels zoals Cetti's zanger, een klein vogeltje dat enorm veel kabaal maakt.
"Ik kende hem altijd van vakanties in Spanje en Frankrijk. In 2016 was hij hier voor het eerst in de Alde Feanen en in die jaren is hij door heel Fryslân verspreid."
Het zijn juist de insecten, vogels en planten die het koudere noorden opzoeken, omdat die organismen zich makkelijker kunnen verspreiden dan bijvoorbeeld een zoogdier.
De dieren vliegen naar 't noorden, de planten worden mee hiernaartoe genomen door wind, water, dieren en menselijke activiteiten.
Wat we kwijtraken
Je zou kunnen zeggen dat de biodiversiteit toeneemt, omdat er allemaal soorten bijkomen in Fryslân, maar dat is niet helemaal waar. "Tegelijkertijd raken we wel onze streekeigen soorten kwijt", zegt Sikkema.
De noordse witsnuitlibel bijvoorbeeld, die houdt van het wat koeler klimaat. "Die kwam altijd voor in de Alde Feanen, maar ik heb hem al zo'n 6 of 7 jaar niet gezien."
Hinko Talsma ziet ook dat er sommige binnenlandse plantensoorten zijn die langzaamaan verdwijnen. Bijvoorbeeld op Terschelling: "Daar waren een heleboel soorten die alleen nog maar op Terschelling voorkwamen, maar daarvoor is het te warm geworden."
Veel mensen denken nog dat klimaatverandering iets van de toekomst is, maar het gebeurt nu, het gebeurt waar je bijstaat.
Dat het in Fryslân in de toekomst alleen nog maar warmer zal worden, is dus een probleem. "Op een bepaald moment kunnen soorten niet noordelijker vluchten, want daar houdt de wereld op", zegt Sikkema.
En dat is geen toekomstmuziek meer: "Veel mensen denken nog dat klimaatverandering iets van de toekomst is, maar het gebeurt nu, het gebeurt waar je bijstaat."