Tips van Friezen aan toeristen in de provincie: dit mag je niet missen
De meren, de Waddeneilanden, het Planetarium en de Waterpoort: sommige hotspots in Fryslân zijn bij bijna iedereen wel bekend. Maar wat zijn andere plekken die je als toerist in Fryslân niet over mag slaan?
De schoolvakanties in de regio's zuid en midden waren al begonnen en sinds vrijdag hebben ook de basisschoolkinderen in Noord-Nederland vrij.
Veel Friezen gaan naar het buitenland, maar ook Fryslân verwelkomt elke zomer tienduizenden toeristen.
En in een provincie als Fryslân, die zo rijk is aan cultuur, natuur en historie, kunnen zij wel wat hulp gebruiken. Daarom vroegen we jullie op Facebook om tips te geven: wat mogen toeristen in Fryslân absoluut niet missen?
Een selectie van de antwoorden die we kregen:
De Frije Wiken
Een minder bekend gebied in de provincie is de Frije Wiken, in het zuidoosten van Fryslân. Het gebied bestaat uit 14 dorpen die ooit heel arm waren, maar nu een hele rijke natuur hebben.
"Fietsen, lopen of wandelen in dit onontdekte gebied van Fryslân", zegt Ate Eijer. Het landschap wordt gekenmerkt door talloze kanalen en vaarten. In het verleden werden ze gebruikt om turf af te voeren.
Een van de routes door de Frije Wiken gaat onder andere bij Jubbega langs, bij de meer dan 400 jaar oude schansen van de Friese waterlinie en de Kiekenberg: het hoogste punt van de omgeving.
Drie monumenten in klein dorp
Voor wie van kleine, pittoreske dorpjes houdt: Carla de Witte-Degenkamp tipt Lytsewierrum, "het kleinste dorp van Fryslân". Dat is een terpdorpje in Súdwest-Fryslân, een kilometer of zeven ten noorden van Sneek.
Lytsewierrum bestaat uit elf huizen, één boerderij en de Gertrudiskerk van bijna vijfhonderd jaar oud. De kerk is een van de drie Rijksmonumenten in het dorp. Bovendien is het hele dorp bekroond tot beschermd dorpsgezicht.
Wandelen bij het slot
De bossen bij Rijs, Bakkeveen en Appelscha zijn binnen en buiten Friesland bekend. Een bos dat minder vaak in de toeristenboekjes staat, is die van Feankleaster. Niet terecht, volgens Baukje Rekker.
Ze wijst ook op het grote slot bij het bos: Fogelsanghstate. "Bezoekers gaan er terug in de tijd", zegt ze. "En ze krijgen een indruk van hoe de Friese adel leefde. En dan ligt er ook nog een mooi bos bij, heerlijk voor een wandeling."
Fiskershúske
Nog een plek met een beschermd dorpsgezicht: Moddergat. Direct aan de Waddenzeedijk ligt het museum 't Fiskershúske. Daar houden ze de herinneringen aan de kustvisserij en de visserscultuur in leven.
"Met een gids naar de verhalen luisteren, schitterend", is de tip van Bas Manon. De gids vertelt onder andere over de ramp van Moddergat in 1883, waarbij 83 vissers omkwamen.
Het museum bestaat uit vier woningen, waarvan de oudste al 230 jaar oud is. Het geeft een beeld van de inrichting van de vissershuisjes in die tijd.
Sociale strijd
Museum- en geschiedenisliefhebbers kunnen ook terecht in Nij Beets. It Damshûs vertelt over de sociale strijd rond 1900. Onder andere Pieter de Raaf en Lize Talsma komen met de aanbeveling.
Bezoekers zien hoe mensen in die tijd woonden: onder andere kleine woningen, een kerkje en de kroeg van de veenbaas zijn op ware schaal nagebouwd.
De mensen werkten in die tijd in de turfsector, het museum laat ook zien hoe het opgraven van laagveen in zijn werk ging.
Mummies
Hinke Wolthuizen, Sietse Wiersma, Paula Faber-Bosgraaf, Alie Hoekstra-Rottiné en Jan Draaisma raden allemaal aan om naar de mummies in Wiuwert te gaan. Die liggen daar al eeuwen.
Het verhaal begint in 1765, toen timmerlieden in de grafkelder van de Nicolaaskerk elf kisten vonden met daarin ingedroogde lichamen. "Het verhaal gaat dat de timmerlieden al schreeuwend van angst de kelder uit renden", zegt gids Stephan Kurpershoek.
Hoe de mummies in die kerk middenin Fryslân zijn beland, dat is nog steeds niet duidelijk. Er zijn verschillende theorieën over, maar het mysterie blijft.
Eten en drinken
Culinair valt er in Friesland ook van alles te ontdekken. Een selectie van wat toeristen in onze provincie volgens jullie niet mogen missen: suikerbrood, oranjekoek, Friese dúmkes en Beerenburg.
En voor de theeleuten: overal in Fryslân zijn theetuinen te vinden. Maartje Nauta tipt die in het noordwesten van de provincie. "Iedere tuin is anders, iedere tuin heeft z'n charme."
Slapen in de kerk met historie
Schelte van Aysma was in de 17e eeuw een militair voor het Staatse leger in de Tachtigjarige Oorlog. Pas in 2017, bijna vierhonderd jaar na zijn dood, werd in de kerk van Schettens zijn stoffelijk overschot gevonden.
Historicus André Buwalda, die de grafsteen van Van Aysma ontdekte, tipt de grafkelder in Schettens voor de toeristen. Wie wil, kan ook nog overnachten in de kerk.
Kijk voor nog veel meer tips naar de reacties die we kregen op onze oproep op Facebook.