Minder jeukrupsen, maar we komen er nooit helemaal van af
De noordelijke provincies hebben nog steeds de meeste eikenprocessievlinders, maar ook nergens daalt het aantal vlinders zo snel als in Noord-Nederland.
Landelijk zijn er de afgelopen maanden 68 procent minder vlinders gevangen dan vorig jaar, meldt natuurnieuwswebsite Nature Today. In Fryslân gaat het zelfs om een daling van 71 procent, zegt bioloog Arnold van Vliet van Wageningen Universiteit.
Ook het percentage bomen met eikenprocessierupsen lag dit jaar 18 procent lager dan een jaar geleden: van de 160.000 onderzochte eikenbomen had 11 procent nesten met de rupsen. "We mogen blij zijn dat de aantallen rupsen blijven dalen. Het betekent dat we steeds minder overlast ervaren en dat we - landelijk gezien - terug zijn op het niveau van 2013."
Gemeentes hebben flink ingezet op het beheersbaar houden van de populaties rupsen, door bijvoorbeeld met biologische bacteriën te spuiten. De beste bestrijding van de eikenprocessierups is volgens Van Vliet de inzet van natuurlijke vijanden: een combinatie van vogels en sluipbijen.
Jeukrups nog niet weg
De kans is groot dat het volgend jaar meevalt met de aantallen eikenprocessierupsen. "Op basis van de vlinders wel. Want minder vlinders is minder afgezette eitjes en dus minder rupsen. Maar we houden een slag om de arm."
Want het is bekend dat eikenprocessierupsen zich een paar jaar rustig kunnen houden in de grond en daarna weer opduiken, zeggen deskundigen. Het betekent dus niet per se dat de jeukrups verdwijnt uit Nederland.
Dat we er niet meer van afkomen, zegt Van Vliet ook. "De leefomstandigheden voor de rups zijn heel goed in Nederland. Er zijn veel eiken en de weersomstandigheden zijn ook goed. Dus ondanks dat het nu achteruitgaat, verwachten we wel dat de rups veelvuldig zal blijven voorkomen."