Van 'omtoffelpiken' tot 'hottefylje': dit zijn de favoriete Friese woorden

Fryske wurden
Friese woorden © Omrop Fryslân
Bjusterbaarlik. Is dat hoe de Friese taal in een woord samengevat kan worden? Op Facebook vroegen we jullie wat jullie de mooiste Friese woorden vinden. En 'bjusterbaarlik' (wonderbaarlijk) stak er met kop en schouders bovenuit.
De vraag werd op de Facebook-pagina van Omrop Fryslân gesteld omdat het vandaag Internationale Moedertaaldag is. Deze dag wordt ieder jaar door UNESCO georganiseerd. De dag staat in het teken van taalkundige en culturele diversiteit en meertaligheid.
Heit (vader), mem (moeder), pake (opa), beppe (oma) en bernsbern (kleinkinderen). Woorden die familierelaties uitdrukken, worden opvallend vaak als favoriet benoemd. "Ik vind het nog elke dag mooi om te horen wanneer onze dochters mij mem noemen!", zegt een vrouw. Niet alleen Friezen maken gebruik van Friese familiewoorden. Nederlandstaligen gebruiken ze ook, zo valt te lezen in de reacties.

Liefde

Dat gevoel en taal voor veel mensen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, blijkt uit favorieten als leafde (liefde) en langstme (verlangen), maar ook grutsk (trots), smûk (gezellig) en tinzen (gedachten). Wat taal betreft zijn er binnen Fryslân ook nog lokale varianten. Zo staan de woorden Wâldpyk (inwoner van de Friese Wouden) en saterje (zaterdag volgens de Wâldpiken) ook hoog op de favorietenlijst.
Fries is niet mijn moedertaal, maar ik vind 'pykje' heel mooi.
Reactie op Facebook-pagina van Omrop Fryslân
Mensen vinden het Fries ook terug in de natuur. Hynder (paard) en earrebarre (ooievaar) worden heel veel genoemd, maar ook lieveheersbeestje (krûpelhintsje), teapert (kwartelkoning), hjerringsliner (fuut), twirre (wervelwind), wjukwapperje (vladderen) en titelroas (narcis). "Fries is niet mijn moedertaal, maar ik vind pykje (kuiken) een heel mooi woord", zegt iemand.

'Omtoffelpiken'

Opvallende favorieten zijn 'omtoffelaaien' (scharreleieren) en 'omtoffelpiken' (scharrelkippen). Dat zijn geen officieel bestaande Friese woorden. Afgelopen december was HEA!
in Hurdegaryp, waar kippen door de straten liepen. Een buurman noemde die 'omtoffelpiken'.
De Friese taal is dus altijd in beweging. "Ik lag dubbel toen ik dat woord voor het eerst hoorde", reageert iemand.

Frans

Koese (slapen), halje-trawalje (haastig, onverwachts) , ferrinnewearje (vernielen), manjefyk (magnifiek). Oefriese woorden zou je zeggen. Mis. Hoewel ze Fries klinken, hebben deze woorden een hele andere oorsprong: het Frans. Koese komt van coucher, halje-trawalje mogelijk van allez travaillez (aan het werk), ferrinnewearje van ruiner (vernielen) en manjefyk van magnifique.
diktee
Hindrik Sijens van de Fryske Akademy (links) © Peter de Jong fotografie
"Zo hebben we wel meer woorden die heel Fries lijken, maar oorspronkelijk Frans zijn", zegt lexicograaf Hindrik Sijens van de Fryske Akademy. "Alteraasje (verwarring) komt van altération, avesearje (opschieten) van avancer. Drekst komt van direct. Het woord fûleindich (fel) heeft niets met fûl+ein te maken, maar komt van het Franse villain."
Sommige oudfriese woorden zijn in de loop der tijd van de troon gestoten door Franstalige varianten. Zo werd muoike bijvoorbeeld tante, net als in het Nederlands.

Werkwoorden

Een greep uit Friese werkwoorden die men graag over de tong laat rollen: núnderje (neuriën), hottefylje (kibbelen), opsokkebalje (opdonderen), jûnpizelje (een avondbezoek brengen), skytskoarje (schoorvoeten).
Fries is de taal die sinds het jaar 500 wordt gesproken langs de hele kust van Denemarken tot Zeeland.
Hindrik Sijens van de Fryske Akademy
Andere woorden die mensen als muziek in de oren klinken: útwrydsk (vreemd), sabeare (zogenaamd), eabel (bekwaam), eachein (horizon), earmtakke (elleboog), jirpelskylmeske (aardappelschilmesje), bûthúsbankje (bank in de stal), bûsgroentsje (overhemd), oankrûperswaar (koud weer), nuet (tam), krebintich (stram) en potleadsuteler (potloodventer)

Wat was er eerder?

Of het Nederlands of het Fries ouder is, is volgens Sijens een onmogelijke vraag. "Het Fries is heel oud, maar het Nederlands ook. Het Fries is de taal die sinds het jaar 500 wordt gesproken langs de hele kust van Denemarken tot Zeeland. Het Nederlands is ontstaan uit het Frankische gebied, oostelijk van Nederland richting Duitsland en ook Frankrijk."
Het Nederlands is tegenwoordig de standaardtaal in Nederland. Toch zouden kinderen nog altijd goed Fries moeten leren, vindt Sijens. "Wil je de taal hier laten functioneren, dan moet je goed onderwijs hebben. Maar we moeten als kleine taal tegen het grote Nederlands opboksen."

"Praat, denk en droom in het Fries"

Van gevoelswoorden tot bijzondere woorden tot woorden die gewoon lekker klinken. Het Fries leeft en wordt veel gebruikt, zo wordt duidelijk uit de reacties op onze kanalen.
"Daar zijn geen woorden voor. Ik praat, denk en droom in het Fries", zegt iemand.