Dilemma voor boeren: hoe kan Friesland ruim 5 miljoen ton mestoverschot afvoeren?

Het uitrijden van mest over het land
Het uitrijden van mest over het land © ANP
Friese veehouders dreigen flink in de problemen te komen, nu ze veel minder mest over hun land mogen uitrijden.
Dat is het gevolg van het eind van de derogatie: de uitzonderingspositie voor Nederlandse boeren, waardoor ze meer mest mogen uitrijden dan volgens Europese regels is afgesproken. Die maatregel wordt de komende drie jaar afgebouwd.
Jarenlang hadden boeren in ons land het recht om meer mest uit te rijden dan andere landen in Europa. Daar moesten ze wel een derogatievergunning voor aanvragen.

Derogatie in het kort

Nederlandse boeren mochten tussen 2006 en 2023 meer mest uitrijden dan was vastgelegd in Europese afpsraken. Die uitzondering werd gemaakt omdat Nederland een veel kleiner oppervlak heeft dan andere Europese landen en relatief veel koene, die veel mest produceren.
Bovendien heeft ons land veel grasland, dat mest beter opneemt dan andere grondsoorten. Er is dus meer plaats voor mest. Er wordt vooral gekeken naar hoeveel stikstof per hectare van die mest op het land komt. Dat was 250 kilo en moet in drie jaar tijd naar de Europese norm van 170 kilo.
Vorig jaar hebben 2.643 Friese boerenbedrijven zo'n vergunning aangevraagd, zegt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), die de cijfers bijhoudt.

Europa: mest zorgt voor vuil water

Europa heeft de regeling afgeschaft omdat de kwaliteit van het Nederlandse water lijdt onder de vervuiling van onder andere stoffen uit de mest. Maar Friese boeren zijn totaal niet klaar voor de nieuwe situatie. Was er jarenlang geen sprake van een mestoverschot, met ingang van dit jaar is dat er wel.
Hoeveelheid mest die in 2022 per provincie werd geproduceerd:
Fryslân telde volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in 2022 ongeveer 4.700 veehouderijen die samen 10.990 miljoen kilo mest produceerden.
Mest komt van onder andere varkens en kippen, maar de grootste mesthoop komt voor rekening van de koeien in Fryslân. Melkveehouders moeten dat in drie jaar tijd afbouwen.
Maar wat moet het naartoe als het niet meer kan worden uitgereden over het eigen land? Of, zoals ook vaak gebeurt, over het akkerland van collega-boeren? Want ook die kunnen lang niet alle mest kwijt. En dat geldt ook voor de mestverwerkende bedrijven in Fryslân. Het mestoverschot dreigt een onoverkomelijk probleem te worden.
Deskundigen houden er rekening mee dat, als er niets verandert, Fryslân over drie jaar op zijn minst ruim 5 miljoen miljoen kilo mest per jaar moet afvoeren omdat er in de eigen provincie geen ruimte is om het kwijt te raken. In 2020 ging het om ongeveer 1 miljoen ton en daar was genoeg ruimte voor.
Het afvoeren van mest is niet alleen een probleem van Friese boeren, maar van alle boeren in Nederland. En waar Friese boeren het niet kwijt kunnen, geldt dat ook voor hun collega's.
Een boer bij Uitwellingerga aan het gieren
Een boer bij Uitwellingerga aan het gieren © ANP
Er hangt een prijskaartje aan de afvoer van mest. En hoe meer boeren moeten afvoeren, hoe meer het in de papieren begint te lopen. Dat drijft de prijs op.
Kostte het vorig jaar mei nog tussen de 12 en de 18 euro om een ton mest af te voeren, nu is dat al het dubbele. En dat terwijl de grootste problemen nog moeten komen, zo is de verwachting.

Veehouders lopen grote financiële risico's

Het levert onmiskenbaar economische schade op voor de agrarische sector. Dat blijkt wel uit de situatie van twee boerenbedrijven die meedoen aan het project 'Koeien en Kansen', dat de mogelijkheden onderzoekt van een duurzame en maatschappelijk geaccepteerde melkveehouderij.
Beide bedrijven hebben vorig jaar bij wijze van proef gewerkt zonder derogatie. Het ene bedrijf leverde 29.000 euro in, het andere 37.000 euro.