Rapport dodelijk bootongeluk Waddenzee: concrete afspraken over vaargedrag geëist

Wettertaksy Stormloper
Watertaxi Stormloper © Jan van Rees
De twee schippers die betrokken waren bij het dodelijk bootongeluk vorig jaar op de Waddenzee hebben beiden te hard gevaren, zich niet aan de vaarregels en onvoldoende gecommuniceerd. Dat concludeert de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV).
Het ongeluk vond plaats in de vroege ochtend van 21 oktober 2022, in het Schuitegat ten zuidwesten van Terschelling. Het betrof een aanvaring tussen de snelboot Tiger van Rederij Doeksen en de watertaxi De Stormloper van een particuliere ondernemer.
Vier mensen kwamen bij het ongeluk om het leven. Het lichaam van één van hen, de 12-jarige Riemer uit Sexbierum, is nog steeds niet gevonden. De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft de afgelopen maanden onderzoek gedaan naar de toedracht van de aanvaring.
Uit het onderzoek blijkt dat er in de eerste instantie geen gevaar was voor een aanvaring tussen beide schepen, gezien de koers die beide op dat moment voeren.

Onduidelijke communicatie

Volgens het rapport hebben beide schippers pas 34 seconden voordat ze elkaar zouden passeren, contact gezocht via de marifoon.
In het rapport staat: "De kapitein (van de Tiger, red.) nam het initiatief om de communicatie te starten met de schipper van de watertaxi om een passeerafspraak te maken. Dit deed hij op zo een manier dat de communicatie tussen de kapitein en de schipper niet eenduidig was. De passeerafspraak kwam niet tot stand doordat de schipper de afspraak niet bevestigde."
Na het marifooncontact wijzigde de watertaxi onverwacht de koers. Door de snelheid van beide schepen kon de botsing toen niet meer voorkomen worden, staat in het rapport. "De kapitein van de snelboot koos er niet voor snelheid terug te nemen, terwijl dit bij een afwijkende, en mogelijk potentieel gevaarlijke situatie, meer afstemmings- en handelingstijd zou bieden om een aanvaring te voorkomen."

Conclusies onderzoeksrapport

  • Beide schippers voeren te snel, communiceren niet duidelijk en houden zich aan de geldende vaarregels;
  • Beide bedrijven voeren structureel te snel en handhaving op snelheid door Rijkswaterstaat is in de praktijk niet haalbaar;
  • Door onduidelijke wet- en regelgeving kunnen watertaxibedrijven hun eigen invulling aan regels gegeven, daardoor is de veiligheid van de passagiers afhankelijk van de verantwoordelijkheid van de ondernemer.
Volgens het OVV zou beter vaargedrag en heldere wet- en regelgeving de veiligheid op de Waddenzee moeten verbeteren. Daarom is een van de aanbevelingen dat de betrokken ondernemers en de ILT (Inspectie Leefomgeving en Transport) concrete afspraken maken over vaargedrag.

Handhaving

Daarnaast moeten er mogelijkheden komen om beter te handhaven op snelheid. Op dit moment voert Rijkswaterstaat de handhaving uit en kan alleen een snelheidsovertreding worden aangepakt als het schip betrapt wordt. In de praktijk is dat niet haalbaar omdat de aanwezigheid van een patrouilleschip van Rijkswaterstaat direct wordt opgemerkt en de snelheid wordt aangepast.
De aanbeveling is daarom om te kijken of radargegevens worden gebruikt voor de handhaving en daar de wet voor aan te passen.

Aanbevelingen

  • Rijkswaterstaat, Rederij Doeksen, Watertaxi de Bazuin en ILT: kom met afspraken om het varen op de Waddenzee veiliger te maken en gebruik daarbij de bestaande 'gemeenschapszin'.
  • Rijkswaterstaat: maak inzichtelijk voor de minister van Infrastructuur en Waterstaat dat het gebruik van data, zoals AIS- en radargegevens, nodig is om het handhaven op snelheid en vaargedrag te verbeteren.
  • Minister: zorg voor eenduidige wet- en regelgeving voor het bedrijfsmatige vervoer van maximaal twaalf passagiers op het water.
  • Minister: pas de wet- en regelgeving aan zodat Rijkswaterstaat de handhaving beter kan uitvoeren.