Eindrapport Lelylijn: bouw 220.000 extra woningen niet realistisch

Het voorstel van de noordelijke provincies om in combinatie met de aanleg van de Lelylijn 220.000 extra woningen te bouwen, is niet realistisch. Dat blijkt uit verdiepend vervolgonderzoek dat gemeenschappelijk werd uitgevoerd.
De plannen zijn niet realistisch, zegt het rapport:
Het onderzoek naar de haalbaarheid van de Lelylijn werd uitgevoerd in opdracht van het Rijk en de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland.
Volgens de dinsdag gepresenteerde 'Gezamenlijke analyse Deltaplan voor Noordelijk Nederland' is de bouw van extra woningen zeker mogelijk, maar zal het bij 25.000 tot 75.000 woningen blijven.

Ruildeal

In het afgelopen jaar gepresenteerde rapport 'Bouwstenen voor het Deltaplan', stelden de betrokken provincies een 'ruildeal' voor. Wanneer het Rijk er klaar voor is om te investeren in de aanleg van de Lelylijn, de Nedersaksenlijn van Groningen over Emmen naar Enschede en het verbeteren van het bestaande spoor, zou het noorden maar liefst 220.000 extra woningen kunnen realiseren om het nationale tekort aan woningen aan te pakken.
Het tracé voor de Lelylijn loopt in principe langs de A6 en A7 © Omrop Fryslân
In Fryslân zou ruimte zijn voor de bouw van 45.000 extra woningen, evenveel als dat er nu in de stad Leeuwarden staan. Volgens de vandaag gepresenteerde analyse kan de Friese bijdrage aan de extra woningbouw worden bijgesteld naar zo'n 15.000 extra woningen.

Tussen de 5 en 10 miljard

De kosten van de nieuwe spoorlijn van 125 kilometer van Lelystad over Heerenveen en Drachten naar Groningen, worden geschat op een bedrag tussen de 5 en 10 miljard euro. Het Rijk heeft in het regeerakkoord 3 miljard euro voor de ambitie gereserveerd. Voor aanvullende financiering rekent het Rijk op bijdragen uit de regio en Europa.
Om te kunnen bepalen hoe duur de spoorlijn precies wordt, is aanvullend onderzoek nodig naar het tracé en de kosten van het tracé. In het rapport dat dinsdag gepresenteerd werd, gaat men uit van een tracé langs de autowegen A6 en A7, maar dat is hooguit 'indicatief', zo schrijven de onderzoekers.
Sijbe Knol van de FNP is blij met het rapport
De bouw van extra woningen in het noorden heeft wel gevolgen, zo waarschuwen de onderzoekers. Omdat niet iedereen naast het station kan of wil wonen, zal het steeds drukker worden op de wegen in de regio en moet er ook geïnvesteerd worden in autowegen en fietspaden. Ook dit gaat miljoenen kosten.

Tijdswinst

De Lelylijn draagt wel bij aan een forse tijdwinst voor reizigers vanuit Leeuwarden naar Schiphol en Rotterdam. De onderzoekers verwachten dat de reistijd met de trein vanuit Leeuwarden naar Schiphol met minimaal 40 minuten gaat afnemen.
Ook kan de Lelylijn ervoor zorgen dat sommige kernen een 'agglomeratie-effect' vertonen, wat betekent dat deze plaatsen extra bedrijven en inwoners aantrekken. In Heerenveen zou dat zomaar het geval kunnen zijn, schrijven de onderzoekers. Zij vergelijken Heerenveen in dat kader met de Duitse stad Montabaur. Deze stad begon erg te groeien nadat het een station kreeg aan de snelle ICE-spoorlijn Köln-Frankfurt.

Niet positief over verbetering

De onderzoekers hebben ook gekeken naar de mogelijkheid om het bestaande spoor tussen Zwolle en de steden Leeuwarden en Groningen te verbeteren. Daar zijn ze niet heel positief over. De kosten zijn hoog, terwijl de tijdswinst en de gunstige economische effecten beperkt zijn.
Investeringen in de Lelylijn en ook in de Nedersaksenline van Groningen over Emmen naar Enschede, komen veel beter uit het onderzoek. Volgens een voorradige Maatschappelijke Kosten Baten Analyse, door de onderzoekers omschreven als 'quickscan' MKBA, geldt voor beide nieuwe spoorlijnen dat de investeringskosten hoger zijn dan de opbrengsten.

Plan B

It Eindrapport Lelylijn - ook wel Plan B - is 220 zijden dik. Evengoed is er meer onderzoek nodig, stellen de onderzoekers vast. Om verdere stappen te zetten moeten concrete spoortracés bepaald worden. Pas dan kun je vaststellen hoe duur de aanleg precies wordt en of de nieuwe treinverbindingen goed geëxploiteerd kunnen worden.
Gedeputeerde Avine Fokkens over het rapport en de plannen
De onderzoekers gaan ervan uit dat de Lelylijn en Nedersaksenlijn beide genoeg reizigers zullen aantrekken voor een rendabele exploitatie. De onderzoekers vinden ook dat de internationale kansen van de Lelylijn in aansluiting met de spoorlijn Groningen-Bremer nader onderzocht moet worden.

Bijdrage uit Brussel

Het onderzoek 'Gezamenlijke analyse Deltaplan voor Noordelijk Nederland (deel B)' is gemaakt in opdracht van de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Economische Zaken, de provincies Groningen, Fryslân, Drenthe en Flevoland en de gemeenten Groningen, Emmen, Assen en Leeuwarden. Het onderzoek is uitgevoerd door maar liefst vijf bureaus.
In het regeerakkoord heeft kabinet Rutte IV 3 miljard gereserveerd voor de aanleg van de Lelylijn. Het andere deel van de kosten moeten de regio's gezamenlijk opbrengen, in combinatie met bijdragen van de Europese Unie. Dat laatste vereist nog wel het nodige lobbywerk. Een project als de Lelylijn maakt meer kans op een bijdrage uit Brussel wanneer zo'n aanvraag ook door minimaal één andere EU-lidstaat wordt gesteund.
Duitsland loopt tot nu toe echter nog niet echt warm voor de Lelylijn. Het buurland vindt de spoorlijn naar Groningen hooguit 'van regionaal belang' en wil de snelle treinen naar Nederland vooral over Hannover en Osnabrück laten rijden.