Rijkswaterstaat wil meer dode walvissen laten liggen op Wad

Rijkswaterstaat wil gestrande dode walvissen vaker laten liggen, zodat de kadavers op een natuurlijke manier kunnen vergaan. Dat zou kunnen op meerdere locaties rond de Waddenzee.
Vinvis op Rottumerplaat © The Fieldwork Company
Het afgelopen jaar is bij wijze van uitzondering een dode dwergvinvis met rust gelaten. Het dier spoelde in november vorig jaar aan op Rottumerplaat. Musea en onderzoeksinstellingen hadden toen geen belangstelling voor het dode beest
Onderzoekers van Wageningen Marine Research hebben de ontbinding van dit kadaver in opdracht van Rijkswaterstaat nauwkeurig in kaart gebracht.

Alleen nog botten en huid

"We hadden gedacht dat het kadaver veel sneller zou vergaan", zegt projectleider Rick Hoeksema van Rijkswaterstaat tegen RTV Noord.
"Maar er waren geen grote zwermen meeuwen of andere aaseters die meteen in het lijk gingen pikken." Het duurde wel twee weken voordat andere dieren in de gaten kregen dat er een dode vinvis op Rottumerplaat lag toen.
"De vinvis is als het ware heel geleidelijk in de bodem gezakt. Alleen de botten en de huid zijn nog over. Er is geen sprake geweest van een enorme stank, alleen vlakbij het kadaver was de geur merkbaar."
Vergelijk het met dood hout dat je in het bos laat liggen.
Rick Hoeksema (Rijkswaterstaat)
Rijkswaterstaat heeft de plicht om grote kadavers - vanaf vijf meter en langer - te bergen en te vernietigen. "Maar als we streven naar natuurherstel is het beter de kadavers te laten liggen. Eigenlijk is het een soort omdenken. Vergelijk het met dood hout dat je in het bos laat liggen."
Het aanspoelen van walvissen is geen zeldzaamheid. Natuurhistorisch museum Naturalis houdt de strandingen bij op walvisstrandingen.nl. Uit die lijst blijkt dat er vanaf 2010 tientallen walvissen aan de Nederlandse kust zijn gevonden.

Scheelt ook geld

Natuurherstel is niet de enige reden om de dode walvissen te laten liggen. Ook geld speelt een rol. "Het opruimen van een kadaver kost, afhankelijk van de grootte, tussen de 20.000 en 50.000 euro", aldus Hoeksema. "Als je ze opruimt doe je iets tegennatuurlijks en als het niet hoeft is het zonde van het geld."
Rijkswaterstaat wil na de evaluatie van de proef op Rottumerplaat met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de natuurbeheerders en de betrokken gemeenten in gesprek over het plan om meer walviskadavers te laten liggen.