Spuitvrije zones om zorgen over bestrijdingsmiddelen in bloementeelt weg te nemen

Spuitvrije zones moeten de zorgen over de bloembollenteelt in gemeente De Fryske Marren wegnemen. Boeren mogen binnen een straal van 50 meter van hun woning geen bestrijdingsmiddelen op het land gebruiken. Dat roept vraagtekens op.
© Shutterstock
Vooral in Wijckel, Oudemirdum en Nijemirdum leven vragen over het gebruik van de middelen en de gezondheid van mensen. Agrariërs gebruiken bestrijdingsmiddelen bij de teelt om ongedierte tegen te gaan. Omwonenden van de percelen maken zich zorgen over de gevolgen van de biodiversiteit en hun eigen gezondheid.
"We hebben al een behoorlijke tijd gesprekken met inwoners", zegt wethouder Irona Groeneveld. "Die maken zich zorgen over de bollenteelt en gewasbeschermingsmiddelen die gebruikt worden."
En dus zijn er allerlei vragen: "Welke invloed heeft dit gif op mij? Wat gebeurt er met de omgeving en de natuur als de middelen overwaaien naar mijn tuin of een ander gedeelte? Op landelijk niveau is er nu onderzoek naar deze gevolgen."
Wethouder Groeneveld over de spuitvrije zone
In een deel van De Fryske Marren zorgen de vragen voor onrust. Om dit tegen te gaan, zou een spuitvrije zone kunnen worden toegepast, denkt de gemeente. Een boer mag dan binnen een straal van 50 meter van z'n woning niet meer spuiten.

Mogelijk vergunning aanvragen

Het plan ligt er pas net en de gemeente moet het nog verder uitwerken. Groeneveld: "Er zijn percelen waar boeren nu al werken, die laten we mogelijk op de oude voet verder gaan. Voor andere percelen kan het zijn dat boeren een vergunning aan moeten vragen."
"Het kan dus wel zo zijn dat boeren toch nog in die vijftig meter werken, maar dan moeten zij goed onderbouwen en laten zien dat je de gezondheid van de mensen niet benadeeld."

'Rijk moet meedoen'

De gemeente zet nu stappen, maar zou graag zien dat het Rijk ook meedoet. "Er zijn over dit onderwerp nog wat te weinig wetten. Er is wel wet- en regelgeving die voorziet in de uitloop van bestrijdingsmiddel naar het water, maar gezien de landelijke zorg over de verspreiding door de lucht denk ik dat onze Rijksoverheid daar wel wat meer aandacht aan mag besteden."