Vijf jaar na de vluchtelingencrisis: "We wisten niet wat er op ons af kwam"

03 okt 2020 - 09:47

Meer dan 43.000 vluchtelingen vroegen in 2015 asiel aan in Nederland. Voor vluchtelingen, maar ook voor organisaties en vrijwilligers was het een heftige periode. Omrop Fryslân ziet de komende weken terug. Hoe gaat het nu met de vluchtelingen? En hoe zou het COA de situatie nu aanpakken? Willem Boorsma en Jan Swart van het Rode Kruis nemen ons mee naar de Waddenhal in Harlingen. De plaats waar de eerste vluchtelingen aankwamen.

Fiif jier nei needopfang foar flechtlingen

"Het was een hectische periode," vertelt Boorsma. Hij was in 2015 net districtsbestuurder van het Rode Kruis in Fryslân. Omdat de centrale opvang van het COA niet genoeg was, werd een beroep gedaan op gemeenten om voor tijdelijke opvang te zorgen. Een groot aantal gemeenten gaf medewerking door sporthallen beschikbaar te stellen en zo te voorzien in een noodopvang- of crisisnoodopvanglocatie.

"De wanhoop straalde hun ogen uit"

De rol van het Rode Kruis was groot. Vrijwilligers maakten de sporthallen klaar, waren dag en nacht in de opvanglocaties en hadden EHBO-posten. Boorsma was toen al 46 jaar actief bij het Rode Kruis, maar vond het allemaal wel spannend. "We wisten niet wat er op ons af zou komen."

Op 24 september 2015 is het zover. De eerste vluchtelingen komen aan in Harlingen bij de Waddenhal. Boorsma was er bij. "De wanhoop straalde uit hun ogen. Op dat moment waren ze al overal mee naartoe genomen. Harlingen was de zoveelste plaats waar ze kwamen. Je kon zien dat ze niet lekker in hun vel zaten."

Als je dan die kleine kinderen ziet, die daar met hun moeder aan de hand lopen. Dan gaat er een rilling over je lijf.

Jan Swart, vrijwilliger Rode Kruis

Aan de vrijwilligers was nu ook de taak om de vluchtelingen op te vangen. Een van de vrijwilligers is Jan Swart. Hij kwam op zowat alle locaties in actie. "Ik voelde mij geroepen om wat te doen," zegt hij. "Iedereen is gelijk voor mij. Zulke mensen komen hier niet zomaar. Als je dan die kleine kinderen ziet, die daar met hun moeder aan de hand lopen. Dan gaat er een rilling over je lijf."

Harlingen in actie

Al snel nadat de asielzoekers een plaats kregen in de Waddenhal beginnen de inwoners van Harlingen in actie te komen voor de vluchtelingen. Er wordt bijvoorbeeld kleding en speelgoed verzameld. "Dat vond ik een van de mooiste momenten," zegt Swart. "Er werd zoveel gebracht door de Friezen. In Harlingen werd hij verzameld bij de brandweerkazerne."

De christelijke muziekvereniging Hosanna bracht ook vermaak. Op initiatief van een van de leden gingen de leden van het korps met hun trommels en andere instrumenten naar de hal, om voor wat afleiding voor de vluchtelingen te zorgen. Al snel liepen kinderen, maar ook volwassenen, met vlaggen mee in het korps. De vereniging had extra trommels meegenomen waar de vluchtelingen ook op konden spelen.

Het Rode Kruis terug in de Waddenhal - Foto: Timo Jepkema, Omrop Fryslân

Zwaar voor vrijwilligers

Voor vrijwilligers begon de opvang na een poos zwaar te worden, zegt Boorsma. "We kregen mensen waar we niet mee konden praten. Sommigen waren zwaar getraumatiseerd." Zwart merkte dat ook op: "Op de meeste plaatsen met noodopvang zal ik getraumatiseerde mensen uit verschillende plaatsen. Dat botste soms ook wel eens. In Grou hadden we bijvoorbeeld dat iemand voordrong met het eten. Dat werd een vechtpartij. Dan moesten ze ook weg."

Je kunt met handen en voeten een heel eind komen.

Jan Swart, vrijwilliger Rode Kruis

Al snel bleek dat de vluchtelingenstroom niet snel zou stoppen, maar daar was het Rode Kruis eigenlijk niet klaar voor. Boorsma: "We waren klaar om bij te springen als er een ramp gebeurde. Maar de opvang van asielzoekers, dat duurde langer dan waar op voorbereid was. Op een bepaald moment hadden we op drie locaties vrijwilligers staan, 24 uren per dag."

De communicatie ging ook niet altijd even makkelijk. Toch was daar volgens Swart ook wel ruimte voor. "Je kan met handen en voeten een heel eind komen. In Kollum was ik, toen was er iemand jarig. Ik leerde ze om 'gefeliciteerd' na te zeggen. Ik heb heel veel plezier gehad met die mensen.

Jan Swart (L) en Willem Boorsma (R) van het Rode Kruis - Foto: Timo Jepkema, Omrop Fryslân

Vijf jaar later is de vluchtelingencrisis nog altijd gaande, met als dieptepunt de brand in het vluchtelingenkamp op Lesbos. Met tranen in de ogen kijkt Swart ernaar. Het Rode kruis neemt daarover geen stelling, maar Swart vindt er persoonlijk wel wat van. "Iedereen heeft evenveel rechten. Zulke mensen moeten vluchten en die komen daar aan. Maar die worden daar bijna als dieren in een tent geduwd."

Maar één ding weet Swart wel: "Ik wordt nu wat ouder. Maar mocht er ooit weer zoiets komen en ik ben er nog, dan ben ik van de partij."

Volgende week zaterdag het verhaal van Masho. Hij vluchtte toen hij nog maar 18 jaar was, uit zijn vaderland Eritrea. Met duizenden andere vluchtelingen reisde hij van land naar om uiteindelijk te oversteek te maken over de Midellandse Zee. het heeft twee jaar geduurd voordat hij in Nederland aankwam in het AZC in Drachten. Hij was helemaal alleen, zonder vrienden of familie, want die moest hij achterlaten.

(Advertentie)
(Advertentie)