De vrijdagmarkt over Keti Koti: "Stilstaan bij de pijn van de slavernij"

02 jul 2021 - 13:47

Het afschaffen van de slavernij werd donderdag in Amsterdam weer gevierd met Keti Koti. De laatste jaren krijgt het steeds meer aandacht en nu klinkt ook de vraag luider of wij hier als Nederland meer mee moeten. Bijvoorbeeld door het aanbieden van excuses en het instellen van een nationale feestdag op 1 juli. Op de Leeuwarder vrijdagmarkt waren de meningen verdeeld.

Foto: Omrop Fryslân, René Koster

Sommige mensen vinden het een goed idee omdat hier ook veel donkere mensen wonen, maar ook omdat wij als land op dit gebied geen goede reputatie hebben. "Het was een lijdensweg voor die mensen en wij, met name Amsterdam, zijn er wel heel rijk van geworden."

Verder werd opgemerkt dat een nationale feestdag misschien wat een dubbel begrip is. "Feest omdat het afgeschaft is, maar we moeten ook zeker het leed herdenken dat eraan vooraf ging."

Voor- en tegenstanders

Anderen vonden dat er geen enkele reden is om zoiets te doen. "Misschien voor de Surinamers wel, maar niet voor ons. Wij waren er ook niet bij toch?" Een andere tegenstander wees met name op de lange tijd dat het geleden is: "Moet dit nu nog? Meer dan honderd jaar na de tijd? Dan zijn ze wel een beetje laat, niet?"

Bovendien werd vaak als argument om er geen nationale feestdag van te maken genoemd dat wij daar al veel van hebben. "Je kunt niet aan de gang blijven." Maar daar had iemand anders weer een hele praktische oplossing voor: "We kunnen het einde van de slavernij vanaf nu wel vieren op pinkstermaandag. Dan heeft ieder z'n zin. Hoe moeilijk kan het zijn?"

Verslaggever René Koster vroeg op de markt naar Keti Koti

(Advertentie)
(Advertentie)