Afscheidsmail van Nomie (19) uit St.-Annaparochie aangehaald door Kamerlid Westerveld

24 jun 2021 - 19:45

Tweede Kamerlid Lisa Westerveld van GroenLinks heeft dinsdag tijdens een debat over de problemen in de jeugdzorg geciteerd uit de afscheidsmail van de 19-jarige Nomie Jongejan uit St.-Annaparochie. Nomie zat als cliënte in de jeugdzorg. Ze voelde zich in de steek gelaten door de hulpverlening en zocht contact met Westerveld. Anderhalve week later bleek dat het om de laatste mail van Nomie ging.

Lisa Westerveld haalde de brief van Nomie aan:

Nomie vroeg in haar mail aandacht voor andere jongeren die in dezelfde situatie zitten. Met instemming van de familie verwerkte Lisa Westerveld de mail van Nomie in haar bijdrage.

Een mens zijn, niet een probleem

"Ik wil graag het geluid van Nomie laten horen, omdat zij zo goed beschrijft wat nodig is in de jeugdzorg. Ik kan dat zelf niet beter", zegt Westerveld. Vader Rutger Jongejan noemt het verhaal van Westerveld met de citaten van Nomie 'heftig en intens', maar is ook blij met de aandacht. "Ik beschouw het als mijn plicht om de noodkreet van Nomie serieus te nemen."

"Je bent geen persoon meer, je bent je problemen", schreef Nomie over haar situatie in de jeugdzorg. "Als die problemen ingewikkelder zijn dan gedacht, dan ga je weg bij de zorginstelling en mag een ander het proberen."

Baat bij een veilige plek

Jongejan vertelt dat Nomie in de laatste zes weken van haar leven vier keer is overgeplaatst van de ene instantie naar de andere. Als bescheiden en erg gevoelige cliënte kon Nomie daar niet goed tegen.

Als je hulp nodig hebt, heb je baat bij een veilige plek en mensen die je begrijpen.

Tweede Kamerlid Lisa Westerveld van GroenLinks

Het is een situatie waarmee veel meer jongeren in de jeugdzorg worstelen, volgens Lisa Westerveld. "Als je hulp nodig hebt, heb je baat bij een veilige plek en mensen die je begrijpen. Dat voelde Nomie totaal niet."

Twadde Keamerlid Lisa Westerveld - Foto: ANP

Lisa Westerveld houdt zich al vier jaar intensief bezig met de problemen in de jeugdzorg. "Dit is het onderwerp dat me het meest aangrijpt vanwege verhalen als die van Nomie en er zijn, helaas, veel meer jongeren in vergelijkbare situaties. Het mooie van Nomie haar brief is dat ze aandacht vroeg voor het lot van andere jongeren en niet voor zichzelf. Dat tekent, denk ik, hoe ze was."

Urgent

Westerveld ziet dat de jeugdzorg nu hoger op de politieke agenda staat en dat er wordt gewerkt aan plannen om de zorg in de toekomst te verbeteren, maar ze maakt zich ook zorgen over jongeren die nu hulp nodig hebben. "Het is mooi dat we over een paar jaar de zorg gaan verbeteren, maar er zijn nu jongeren voor wie over een paar jaar te laat kan zijn."

Tweede Kamerlid Lisa Westerveld en vader Rutger Jongejan

Nomie's vader Rutger Jongejan vindt dat instellingen voor jeugdzorg beter moeten communiceren met de naaste familie en signalen van de familie serieuzer moet nemen. "De enige die jongeren in crisis vertrouwen zijn familieleden of mensen die ze lang kennen. Die zullen ze eerder vertrouwen dan een behandelaar."

Ouders erbij betrekken

Hij en Nomie's moeder werden voor zijn gevoel niet goed geïnformeerd over de toestand van dochter Nomie door de verschillende zorginstellingen, vooral vanaf het moment dat ze meerderjarig werd. "Ze mag dan wel 18 zijn, maar het blijft wel je kind. Ik zeg daarom: betrek de ouders bij de behandeling."

Jongejan heeft tot nu toe ook niet een goede verklaring gekregen over hoe het precies kan dat zijn dochter niet meer leeft. "Het wordt nog wel onderzocht, maar de instellingen spreken elkaar tegen." Het staat voor hem wel vast dat de informatieoverdracht niet goed verliep tussen de verschillende instellingen waar zijn dochter verbleef.

Een fragment van de e-mail van Nomie aan Lisa Westerveld:

"Toch wil ik deze mail graag versturen naar u. Ik zou namelijk ook graag iets willen kunnen betekenen voor kinderen, jongeren maar ook volwassen die tegen soortgelijke dingen aanlopen of tegenaan gelopen zijn.

Ik weet alleen echt niet hoe, maar een stuk van mijn verhaal kunnen delen is hetgeen wat ik nog kan bedenken.

Voor mezelf weet ik het niet meer, ik voel me opgegeven door de hulpverlening en weer '1 van die complexe patiënten die tot last is en waarbij niks echt aan lijkt te slaan'. En waarbij er geen duidelijk plan ligt voor hoe dit verder moet.

Ik wil niet dat anderen dat ook overkomt, ik zou zo graag willen dat dat voorkomen kan worden doordat er eerdere en betere hulp geboden kan worden. Juist voor de kwetsbaarste doelgroep."

(Advertentie)
(Advertentie)