Friese onderzoeker vindt verdronken dorpen in Noordoostpolder

26 okt 2020 - 22:47

Urk en Schokland zijn twee bekende nederzettingen in de Noordoostpolder. Lange tijd ging men ervan uit dat dit ook de enige dorpen waren in dit Zuiderzeegebied. Totdat maritiem archeoloog Yftinus van Popta van de Rijksuniversiteit Groningen een bijzondere ontdekking deed: er liggen nog vier andere 'verdronken dorpen'. Donderdag hoopt Van Popta te promoveren.

Omroep Flevoland keek met Van Popta bij de verdronken dorpen:

Fersupte doarpen Noardeastpolder

Van Popta deed vijf jaar lang onderzoek naar Atlantis in de Zuiderzee. Uiteindelijk vond hij er de dorpen Marcnesse, Nagele, Fenehuysen I en Fenehuysen II. Dat de dorpen echt bestaan is niet helemaal een verrassing: de vermoedens waren er al langer. Maar niemand wist waar de nederzettingen nu precies te vinden waren. Dat deze dorpen nu boven water zijn, wil niet zeggen dat het onderzoek in de Noordoostpolder nu is afgerond. "Wij weten nog lang niet alles van de polder, er moet nog veel onderzoek worden gedaan", zo vertelt Van Popta. Wel denkt hij dat dit de belangrijkste dorpen zijn.

De Friese onderzoeker is erg enthousiast over de resultaten van zijn onderzoek, al was het aan het begin van het traject nog wel spannend of het vele zoekwerk iets zou opleveren. "Het is altijd maar de vraag of je iets vindt, maar ik had wel genoeg aanwijzingen dat er iets zou zijn." En dat blijkt: het resultaat van Van Popta's onderzoek werd meteen landelijk nieuws.

Antlantis in Fryslân

Dan is de vraag: is dit het topje van de ijsberg, en worden er binnenkort misschien meer 'verdronken dorpen' teruggevonden? Ook in Fryslân? "Ja, die zijn er wel", zegt Van Popta. "Die zullen deels in het IJsselmeer liggen, meer voor de westkust van Fryslân." Daarnaast kan het terpengebied in de Zuiderzee eigenlijk worden doorgetrokken naar het Noorden. Zo bekeken horen de nieuwgevonden dorpen eigenlijk bij Fryslân. "Het was als het ware één gebied."

Komende donderdag moet Van Popta zijn onderzoek verdedigen, om uiteindelijk te kunnen promoveren. Het is de laatste drempel, al vormen de ervaringen van maandag met de media een goede voorbereiding. "Er komen toch wel moeilijke vragen, en dan moet ik goed nadenken. Dus misschien is maandag nog wel moeilijker dan donderdag!"

En voor de toekomst? "Ik heb al allemaal plannen in mijn hoofd: ik kan het onderzoek doortrekken naar Fryslân, dan kan er ook een groter onderzoek van worden gemaakt. Dan kunnen we kijken of we meer dorpen in kaart kunnen brengen, inclusief die bij de eilanden in het Waddengebied."

(Advertentie)
(Advertentie)